Gebroken hart – voor ouders van een overleden kind

Wanneer mijn kind sterft, breekt mijn hart. Onzichtbaar, onhoorbaar maar reëel. Het is verbrijzeld in duizenden stukken.

Niemand houdt van gebrokenheid. En toch hoort het bij het leven. Ieder mens heeft eigen leed te dragen. Het is onontkoombaar.

Als mensen hebben we de neiging onze gebrokenheid voor anderen te verbergen, onder het tapijt te vegen, ergens diep van binnen weg te steken. Maar als zwaar verdriet je overvalt, zoals bij de dood van een kind, lukt dat niet.
Voor een korte tijd gaat de omgeving mee, draagt en verdraagt ze je verdriet. Na een zekere periode verwacht men dat je de draad van het leven weer opneemt. Dat alles weer normaal wordt. Maar normaal is abnormaal geworden. Je moet een nieuw evenwicht vinden, je moet een weg vinden met de scherven van jouw leven.

Soms lijkt het dat niemand weet of begrijpt wat je doormaakt. Dat kan eenzaam zijn.
Bij lotgenoten-ouders is er herkenning en erkenning. We voelen ons verbonden. In een blik of een woord, in onze gebrokenheid mogen we troosten en troost ontvangen.

Woorden van: Kristien Severs Rocha

Wil je, als moeder of vader, met ons mee op weg van rouw naar herstel?
Wees welkom op de Landelijke ontmoetingsdag ‘Gebroken Hart’ van zaterdag 1 februari 2020. Het is een dag door en voor ouders van een kind dat is overleden aan kanker of een andere ziekte.

Gastsprekers zijn Gerald Troost en Ds. André F. Troost. Ze brengen een programma met muziek en inspirerende woorden.

Zaterdag 1 februari 2020 van 10:30 – 15:00 uur in Conferentiecentrum Het Brandpunt, Postweg 18, 3941 KA Doorn.
Graag vooraf aanmelden via de website. Meer informatie: www.alskankerjeraakt.nl.

Hoop

‘k Zag hen aan komen lopen. Uit hun gebogen houding sprak verdriet. Toen ik hen koffie aanbood stonden er tranen in hun ogen. Ze keken me aan en zeiden: We hebben ons voor deze landelijke ontmoetingsdag opgegeven, maar we zien nu zo tegen deze dag op. We hebben op weg hiernaar toe al tegen elkaar gezegd: ‘Laten we teruggaan’.

Aan het eind van de dag zag ik hen weer. Onze ogen ontmoetten elkaar. Ze kwamen naar me toe en zeiden: ‘Dat de dag hen goed had gedaan. De ontmoeting met alle andere ouders, die ook een kind waren verloren, had hen moed, maar ook kracht en hoop gegeven.’

Hoop, een klein krachtig woord. Wat is een leven zonder hoop? Hoop is meer dan optimisme. Hoop is een innerlijke houding, die iets zegt over het vertrouwen waarmee je naar de toekomst kijkt. In het christelijk geloof is hoop een van de drie kernwaarden, samen met geloof en liefde. Hoop geeft geloof en liefde als ware grond onder de voeten. Kerst, enkele weken geleden gevierd, is het feest van de hoop. Immanuel, God met ons. Gods hoop is zichtbaar geworden door de komst van Gods Zoon in onze donkere, gebroken wereld. Na Kerst komt Pasen. God weet wat lijden is. Is ons voorgegaan om met ons te gaan. God die ons mensen zoekt, onze harten zoekt, ons Zijn vrede, hoop wil geven. Die als het ware Zijn Handen naar ons uitstrekt vanuit de kribbe en vanaf het kruis. Handen die ons uitnodigen, zegenen, troosten, helpen, dragen…

Sela verwoordt het prachtig in het lied: Toekomst vol van hoop https://youtu.be/MLXyDTHoIzU

Immanuel, God met ons. Door Gods Zoon is er hoop, is er grond onder onze voeten, is er een toekomst vol van hoop. Hoop onzichtbare zekerheid door God aan ieder mens gegeven.

Toen ze wegliepen keek ik hen na. Ze gingen zo anders naar huis. Hun houding was krachtiger, ze keken vooruit.

Rita Renema-Mentink

 

 

(Lit)teken van hoop!

In de Bijbel staat een bijzonder verhaal over de apostel Thomas. Hij wilde maar niet geloven dat Jezus werkelijk was opgestaan. Maar als hij plotseling oog in oog staat met het opstandingslichaam van Jezus, mag hij zijn handen in de wonden leggen. Vaak wordt hij hierom de ongelovige Thomas genoemd.

Zijn naamgenoot, Thomas Halik, geeft hem in zijn nieuwste boek een hele andere waardering. Hij ontdekt juist in dit verhaal dat Jezus de deur van de gewonden is.

Het is opmerkelijk dat op het opstandingslichaam van Jezus de wonden nog aanwezig zijn. Je zou op zo’n vernieuwd lichaam geen tekens meer verwachten die verwijzen naar de dood. Toch mogen de littekens zichtbaar blijven.

Jezus’ heeft zich met Zijn liefde voor ons ook verbonden met de wonden van dit bestaan. Zoals ook onze verwondingen zichtbaar mogen zijn. We hoeven ze niet te bedekken. En we hebben ze allemaal. Ze verbinden ons ook met elkaar. Want wie zichzelf en anderen werkelijk liefheeft, krijgt vroeg of laat te maken met verwondingen. Ze horen bij onze liefde voor elkaar en voor de wereld om ons heen.

Het mooie is dat het verhaal van Thomas ons de ogen ervoor opent dat God Zijn gewonde hand naar ons uitsteekt. Hij biedt ons Zijn hand aan om zo Zijn littekens met die van ons te verbinden. Sommige littekens zijn letterlijk als zichtbare krassen op ons lichaam aanwezig. Andere dragen we mee in ons hart. Maar al onze zichtbare en onzichtbare littekens verbinden ons met Christus.

Na de opstanding vertellen de littekens van Jezus ook een nieuw verhaal. Het gaat niet alleen meer over de kruisiging, maar vooral over de opstanding. Want Hij die dood was, is opgewekt. En daarin ligt ook mijn hoop. Onze littekens zijn in Christus’ handen geborgen. Onze verhalen zijn bij Hem bekend. …dus ook onze pijn. Hij heeft zich met ons hele leven verbonden. En zoals we met Hem verbonden zijn in onze pijn, zo zijn we ook met Hem verbonden in de opstanding. Hij is ons voorgegaan. En zo maken onze persoonlijke verhalen deel uit van Gods grote verhaal met ons allemaal!

Sijbrand Alblas

Vallen en opstaan

Kanker zet je leven stil, je agenda valt weg. Je moet opeens allerlei behandelingen ondergaan en soms zit er nauwelijks tijd tussen… een operatie vergt herstel, maar dan starten de bestralingen al. Chemokuren volgen daarna. Je bent net weer wat beter en de volgende kuur begint alweer. De volgorde kan per persoon verschillen maar gemeenschappelijk is dat je steeds valt en weer verder moet. Dat kost veel kracht. Maar dan komt de laatste behandeling en mag je eindelijk echt gaan herstellen. Mits je curatief behandeld werd. Anders is het, als je te horen krijgt dat “genezing” niet meer mogelijk is… En ook dan wil je de tijd die je nog gegeven wordt op een goede manier invullen. Daarvoor is lichamelijke, emotionele en geestelijke veerkracht nodig. Vallen en opstaan, weer vallen en weer opstaan…

Eenzaam
Een cliënt van mij die curatief behandeld was tegen kanker, merkte in de tijd na alle behandelingen iets op: er was veel minder belangstelling vanuit haar omgeving. Het leven ging weer verder. Ze was toch weer beter? Ze zag er toch weer goed uit? Wat “zeurde” ze nou. Ze voelde zich eenzaam en verward. Het jaar na kanker ervoer ze daardoor eigenlijk haast nog zwaarder dan de tijd van behandelingen! Bovendien kreeg ze te kampen met nog meer lichamelijke tegenslag bovenop de gevolgen van de kanker. Ze worstelde ook met God. Het leven waar ze echt zo dankbaar voor was, was nog moeilijker geworden dan het ook al was voor ze kanker kreeg. Het voelde als “te veel”.

Aandacht
In de tijd van behandelingen word je geleefd als kankerpatiënt. Je zet alles op alles om beter te worden. Hierbij parkeer je vaak je gevoelens. Je omgeving vindt je dapper en flink. En als dan bij jou die gevoelens achteraf komen en de angsten rondom eventuele terugkeer van kanker je soms bevangen, is daar maar al te vaak minder gehoor voor. En toch is het heel gewoon dat je die gevoelens hebt. Ze hebben tijd en aandacht nodig. Alleen dan kan je opstaan en weer verdergaan.

Herstel
Lichamelijk herstellen gaat niet in een mooie rechte lijn weer naar boven. Het kan grillig zijn. Een stap vooruit twee achteruit, 3 stappen vooruit en twee achteruit. Je kunt aan je conditie werken en toch merken dat er sprake is van een vreemde vermoeidheid die je zomaar kan overvallen. Emotioneel gaat het ook vaak op en neer. Verdriet over wat je is overkomen, soms ook boosheid. Angst voor terugkeer van de kanker… Gun je zelf tijd. Zoek hulp als je het gevoel hebt er niet uit te komen.

Psalm 121
Geestelijk kunnen er vragen komen over de rol van God in je leven. Je hoeft geen dapper “vroom” masker op te doen, richt je juist met alles wat er in je omgaat tot hem. Hij wil je tot hulp zijn net als in psalm 121 staat. God is groter dan de bergen op je pad. Dat voel je echter niet altijd, het kan soms verlaten voelen. En dat komt ook bij mensen in de bijbel voor; zij schreeuwen het soms uit tot God! Dat kan voelen alsof je “geestelijk” valt.

En toch… met hulp weer opstaan
Mijn cliënt heeft ontdekt dat ze veel van zichzelf verwachtte, de lat eigenlijk steeds te hoog legde. Ze kreeg meer inzicht in haar gedachten en gevoelens. De veerkracht was door alle ellende achter elkaar sterk verminderd. De lichamelijke klachten verdwenen niet, ze leerde er wel zelf mee om te gaan. Ze kon beter zien wat ze nodig had en haar behoeftes uiten. Merk je dat je vastloopt, het moeilijk vindt op te staan en verder te gaan? Praat erover met een vertrouwd iemand, zoek hulp bij je zoektocht.

Belofte
God heeft ons beloofd nabij te zijn in alles. Immanuel is zijn naam. We mogen denken aan God die mens werd zoals wij en hoop en licht en vrede zal brengen. Hij kwam dichtbij ons, bleef niet op afstand. Dat kan troost bieden. Bij hem kan je terecht met al je gevoelens, hij kent je echt. Ken jij iemand die kanker heeft (gehad)? Besef dat het niet voorbij is na de behandelingen maar dat er vaak nog late gevolgen zijn. Probeer te ontdekken waar die ander is in gevoel, gedachten, geloof. Oordeel niet en luister. Kom de ander zo tegemoet!

Wijnanda Heslinga
Beeldend counselor en kunstenaar
www.schildertaal.nl
(Onder blog vind je vanaf mei 2013 veel blogs over wat kanker in mijn leven teweegbracht. http://schildertaal.nl/loslaten/)

De winnaar van de Facebookactie vertelt…

Mirjam Wiersma-Slik won de 2 kaarten van onze Facebookactie rond kerst en bezocht op 15 december het kerstconcert van ‘Deo Cantemus’ in de Doelen. Ze vertelt zelf hoe zij de avond heeft ervaren:

“Een groot en machtig wonder”

Op 10 december las ik op Facebook de oproep van de stichting ‘Als kanker je raakt’:

“Wij mogen 2 kaarten weggeven voor het jaarlijkse kerstconcert van ‘Deo Cantemus’ op 20 december in de grote zaal van De Doelen in Rotterdam. Deo Cantemus is als 1e koor in Nederland ambassadeur geworden van “als kanker je raakt” en dat vieren we feestelijk!”

Ik werd in meerdere opzichten getriggerd, omdat ik jaren geleden ( rond 1998) meerdere keren het Doelen concert heb bezocht en dit altijd indrukwekkend vond. Mijn wens was ooit nog eens een keer te gaan. Daarnaast draag ik de stichting een warm hart toe, ik ben zelf geraakt door kanker met het verlies van een partner. Prachtig dat ‘Deo Cantemus’ het 1e koor is in Nederland wat ambassadeur is voor de stichting, zo kun je elkaar helpen vanuit Christelijk oogpunt.

Om 2 kaarten te kunnen winnen maakte ik de volgende zin af.

Kerst is voor mij… een bijzondere herinnering geworden. 4 jaar geleden overleed mijn grote liefde Piet aan de gevolgen van lymfeklierkanker op 1e kerstdag om 10.00 uur. Hij wilde graag de geboortedag van Jezus vieren in de hemel Hij is gehaald op deze speciale dag met Engelenkoren.

Op 15 december werd via Facebook de winnende zin bekend gemaakt en wat schetste mijn verbazing ik won de kaartjes! Het was een bijzonder geschenk op een bijzonder moment. Ik was die middag net uit het ziekenhuis ontslagen en ontving s ’avonds dit bericht ik ervoer het als een Gods geschenk.

Donderdag 20 december heb ik samen met een lieve vriendin Bouwina de Haan genoten van een prachtig concert. Er was een zeer gevarieerd programma neergezet met ‘Deo Cantemus’ als hoofdkoor en als gastkoor was uitgenodigd ‘de Golden Circle Ensemble’. Dit ensemble bestaat uit jonge mensen die op weg zijn naar het concertpodium. Alle zangers van het ensemble studeren aan het conservatorium of zijn daar kort geleden afgestudeerd. Het thema van deze avond was “Een groot en machtig wonder”, met afwisselend ‘Deo Cantemus’ en het Golden Circle ensemble werden we meegenomen in het eeuwenoude kerstverhaal. Ieder jaar weer gedenken wij de geboorte van Jezus, de Zoon van God. Ere zij God in de hoge, Vrede op aarde in de mensen een welbehagen Amen!

En terwijl de 30 liederen werden gezongen en wij mochten luisteren en meezingen gingen mijn gedachten op en neer naar mijn lieve man die hier niet meer is, maar van dit concert zou hebben genoten. Wij luisterden en keken samen altijd naar Nederland zingt (ons favoriete programma) en op 1e kerstdag 2014 stond de tv voor ons aan en is hij gehaald met Engelenkoren. Daar moest ik aan denken tijdens deze avond. Maar ik moest ook denken aan de samenwerking tussen ‘Deo Cantemus’ en stichting Als kanker je raakt. Wat een chaos kan het zijn in je leven als je geconfronteerd wordt met kanker, maar wat een zegen is het om een avond uit te mogen en naar een concert te gaan waar gebeden wordt met zovele mensen bij elkaar uit zoveel richtingen. Dat geeft zingeving-ondersteuning-Troost en moed om door te gaan.

Ik wens dat de stichting nog vele harten van mensen mag raken en bereiken om een schuilplaats te kunnen bieden of een schuilplaats te kunnen zijn.

Nogmaals hartelijk dank voor deze bijzondere avond!

Hartelijke groet

Mirjam Wiersma-Slik

‘U moest eens weten…’

Als ik bij mensen op bezoek ga, dan hoor ik vaak verhalen over lange wachttijden in de zorg, over ziekenhuizen die op doolhoven lijken, over de manier waarop de thuiszorg de steunkousen aantrekt en over verpleegkundigen die verkeerd hebben geprikt. En even verder in het gesprek hoor ik hoe moeilijk het is, dat bij het verliezen van je gezondheid ook het verliezen van je vrijheid hoort. Ik hoor over onzekerheid die maar aanhoudt en over angst voor wat de toekomst zal brengen. Ook vertellen mensen mij hoe ze steun ervaren bij familie en vrienden, hoe ze soms rust vinden in het geloof en hoe ze worstelen met vragen. En af en toe spreek ik ook iemand die alleen maar zegt: ‘Waarom zou het mij niet overkomen?’ en zich verder nergens druk om lijkt te maken. Wonderlijk is het hoe verschillend mensen reageren op wat hen overkomt.

Toen ik net begon als predikant, verbaasde ik me over hoeveel persoonlijke verhalen ik hoorde. Vaak hoef ik zelf niet veel te zeggen en storten mensen spontaan hun hart bij me uit. Soms hoor ik dingen die ze zelfs niet aan hun kinderen of hun partner vertellen. Niet omdat ze niet van hen houden, maar juist omdat ze zoveel van hen houden. Ik herken dat ook van de periode waarin ik zelf ziek was. De mensen die het dichtst bij je staan, wil je beschermen voor jouw verdriet. Zij hebben zelf al zoveel op hun bordje.

Hoe mooi is het dan als mensen die van een afstandje betrokken zijn even tijd voor je hebben. Zelf heb ik veel gehad aan verpleegkundigen die naar me luisterden op de momenten dat ik er doorheen zat. Soms hielp een gesprek met een bezoeker die eigenlijk voor iemand anders kwam. En ik denk ook graag terug aan de gesprekken die ik zelf voerde met mijn predikant. Wat is het mooi als mensen een stukje met je meereizen. Mensen die wel even naar je verhaal kunnen luisteren, maar die je er niet mee belast. Mensen die er, op het moment dat het nodig is, gewoon voor je zijn!

Sijbrand Alblas

 

 

Moeheid na kanker: een lichaam van lood

Moeheid na kanker is een bekend verschijnsel maar helaas is er nog veel onbegrip. Het is moeilijk bespreekbaar omdat het lastig is woorden te vinden om die speciale moeheid te beschrijven. Het houdt bovendien lang aan, ook jaren na de behandelingen. En moeheid is lastig om mee te leven, het verstoort je lichamelijke vermogens, je concentratie, stemming en relaties. Maar je kan ermee leren omgaan!

Conflict tussen hoofd en lijf
Door de moeheid is er vaak een conflict tussen wat je wil en wat je daadwerkelijk kan. Je hoofd is als het ware nog ingesteld op “vroeger”. Toen kon je “gewoon” even dit en “gewoon” even dat doen. Je kon je plannen uitvoeren zonder dat je lijf opeens protesteerde en aanvoelde als lood. Na kanker is het leven vaak anders. Hoe anders verschilt van persoon tot persoon. De een heeft meer last van de gevolgen dan de ander. Bij de een houden ze aan en bij de ander verdwijnen ze langzamerhand. Er komt wel meer erkenning voor de late gevolgen van kanker.

Energiebeperking
Zelf ben ik moeheid na kanker anders gaan benoemen: leven met energiebeperking. Moeheid roept bij veel mensen toch een ander beeld op. Even een goede nacht en het is weer over… En hoewel het 5 jaar na kanker bij mij gelukkig wel verbeterd is; het is nog steeds een leven met andere grenzen, andere mogelijkheden. Het besef dat het echt anders was geworden en dat ik daarmee moest leren omgaan, was helpend. Het verlangen dat anderen jou begrijpen is er niet meer zo. Het is zoals het is, ik heb geleerd meer balans aan te brengen in mijn agenda. Daar horen rustige dagdelen nu ook bij. Je leert vanzelf wie daarmee om kunnen gaan en wie niet.

Acceptatie, anders denken
Die acceptatie kwam niet vanzelf, het kostte tijd. Tijd om nieuwe grenzen te ontdekken, met vallen en opstaan. Tijd om mijn eigen gedachtepatronen over moe zijn, eigenwaarde te ontrafelen. In mijn praktijk hoor ik ook van andere ex-patiënten verschillende lastige innerlijke stemmen en overtuigingen. Het is niet helpend om dat negatieve veroordelende stemmetje in je hoofd gelijk te geven: “Nou moet het toch es over zijn” of “Ik moet nu toch weer normaal zijn” of “Wat ben je toch een zeur!” “Wees dankbaar dat je nog leeft” e.d. Jezelf inwendig opvreten en uitschelden kost ook nog eens energie. Zeker als anderen in je omgeving dit negatieve stemmetje ook nog bevestigen, is het moeilijk positievere geluiden ertegenover te zetten. En voor je het weet, ga je erin mee en ga je weer (ver) over je grenzen… Maar je kan wel veranderen! Zelf erkennen dat je veranderd bent en onderzoeken (eventueel met professionele hulp) hoe jij met jouw energiebeperking omgaat, is heel belangrijk. Pas dan kan je veranderen en je leven zo aanpassen dat het beter gaat.

Omgaan met energiebeperking
Zelf heb ik o.a. veel gehad aan PPT (prioriteit, plan, tempo) en het herkennen van de Boom-bust-cyclus. Dat laatste is namelijk een valkuil waar veel ex-patiënten in vallen. Je voelt je een dag goed en gaat meteen eens al die achterstallige dingen doen… liefst in stevig tempo… en je bent volkomen gevloerd… Herstellen van die uitbarsting van activiteiten duurt lang. Dat is te voorkomen. Je maakt een lijst van wat er moet gebeuren en bepaalt wat prioriteit heeft. Dan ga je plannen hoe je het gaat doen, beginnend met belangrijkste. Je kijkt of er dingen zijn waarbij je hulp kan vragen (en dat is geen schande!). De uitvoering doe je in een niet-uitputtend tempo, dus je bouwt ook rust in. Of noem het hersteltijd als je een hekel hebt aan dat woord. Langzamerhand kan je gaan uitbreiden, langere periodes inplannen, je ontdekt zelf wat past bij jou. En soms “kies” je ook voor activiteiten die je gegarandeerd te veel zullen kosten. Dan plan je extra rust in. Of er gebeuren onverwachte dingen waardoor je je plan toch niet kan volgen. Dat is niet erg; dat hoort bij het leven. Dan kan je het plan aanpassen en heroverwegen. Het is anders leven maar als je volhoudt, een leven dat past bij jou. Ik vind het mooi als cliënten na verloop van tijd weer beter zicht hebben op wie ze zijn, wat ze kunnen en daardoor blijer en krachtiger in het leven staan.

Wijnanda Heslinga
Beeldend counselor en kunstenaar
www.schildertaal.nl

Column: De rug van mijn boek

We hadden elkaar niet gesproken dat weekend. Alleen even onze naam genoemd en waar we vandaan kwamen. We waren samen met een groep mensen vanuit het hele land naar het klooster gekomen voor een stilteretraite. Voor mij al een vertrouwde plek, voor haar voor het eerst, had ze me nog verteld.

Ze kwam met een bepaald verlangen, maar kon haar draai niet vinden. De stilte was moeilijk, ongemakkelijk soms. Na alles wat ze had meegemaakt, had ze het verlangen naar troost en geborgenheid. Ze kon zich echter niet ontspannen en bleef alert. Er waren verschillende vertrekken in het klooster waar ze zich mocht terugtrekken en kon bidden, maar ze bleef het liefst op haar eigen kamer.

Aan het eind van de retraite had ze het gevoel dat het een gemiste kans was geweest. Datgene waarop ze hoopte, vond ze niet. Haar begeleider had in het begin gezegd dat ze niet voor niets was gekomen, maar waarop ze nog wachtte, wist ze niet. Totdat ze voor haar laatste persoonlijke gebed een kamer opzocht waarin een volle boekenkast stond. Een van de boeken trok in het bijzonder haar aandacht door de kleur paars en het woord ‘Vertrouwen’, wat ze op de rug las. Ze trok het boek eruit. De omslag zag er mooi en verzorgd uit. Paars was ook de favoriete kleur van haar dochter geweest. Toen ze op de achterkant van het boek keek, zag ze mijn foto op het boek staan. Verbaasd realiseerde ze zich dat ik één van de deelnemers van de retraite was. Ze las dat dit boek ‘Kwetsbaar Vertrouwen’ over mijn man ging die aan kanker was overleden.

Ze had het als een teken van God ervaren. Een aanmoediging. Hij wist van haar verlangen om een boek uit te geven over het leven van haar dochter, die twee jaar geleden op16-jarige leeftijd aan kanker overleed. Vier jaar had ze alles bijgehouden, alles lag klaar, maar waar moest ze beginnen? Hoe pak je zoiets aan? Moest ze zelf een uitgever zoeken? Waar moest ze heen? Wat wilde ze precies? Met deze vragen liep ze al langer rond. Ze bleef erin hangen. Niemand in haar omgeving kon haar verder helpen. Het vinden van mijn boek voelde als een cadeautje. Ze mocht het meenemen naar huis.

Tijdens het lezen herkende ze veel, zoals de hoop en de verwachting van Jan dat God zou kunnen ingrijpen. Het telkens weer bidden en hopen. Een rotsvast vertrouwen dat het kon gebeuren. Dit had haar gezin ook kracht gegeven om vol te houden. Ze had het als enorm troostend ervaren om precies hierover te lezen in mijn boek. Het gaf haar inzicht om te lezen hoe wij hiermee zijn omgegaan.

Haar indrukwekkende verhaal over het vinden van mijn boek las ik later die week in een brief die ze stuurde. Mijn verrassing was groot. Nooit heb ik mijn boek gepromoot, nooit beveel ik het zomaar aan. Ik heb het aan God opgedragen. Het komt op plekken terecht waar het nodig is. Zo ook nu weer.

We maakten een afspraak en ze vertelde van haar prachtige dochter die na een zeer aangrijpend ziekbed overleden is. We deelden onze ervaringen. Ik deelde mijn schrijfproces en hoe ik tot het zelf uitgeven van mijn boek ben gekomen. Gaf haar informatie om weer een stapje verder te komen. Ik gaf haar het boek van de stichting Als kanker je raakt en vertelde van de ontmoetingsdag voor ouders van een overleden kind. Voor ons allebei voelde dit als een zeer bijzondere ontmoeting.

Zo veel dingen in het leven zijn niet te begrijpen, of lopen anders dan verwacht. Maar soms gebeurt er iets wat geen mens kan verzinnen, maar wat direct als speciaal voelt. Wij weten allebei dat dit zo’n gebeurtenis was.

Inmiddels heb ik stukjes van hun verhaal gelezen en films van haar dochter gezien op YouTube. Ik weet zeker dat het een heel indrukwekkend boek zal worden. Een boek waarin dwars door alle pijn en gebrokenheid heen hoop zal doorklinken.

Haar dochter wist dat haar moeder alle ervaringen beschreef en heeft haar moeder op het hart gedrukt dat het beslist een hoopvol boek moest worden. Dat zal het worden. Ik zag het in haar ogen. Het zal een erfenis zijn van hun sprankelende dochter die als een licht in hun leven was gekomen en voor altijd hen zal inspireren.

Het kan zomaar gebeuren dat iemand later aangetrokken wordt door de rug van haar boek en het uit een boekenkast pakt. En dat het precies het verhaal is wat diegene op dat moment nodig heeft.

Lies Nijman

Een bezoekster van de landelijke dag 14 april vertelt…

Zaterdag 14 april was ik voor het eerst op de landelijke ontmoetingsdag in Doorn. Daar werd ik enorm geraakt, dat er zoveel mensen te maken hebben met kanker. Zelf of als partner. Zelf ben ik slechtziend geworden na het verwijderen van een tumor in mijn hoofd (september 2016) en dat kost me veel energie. Het gevolg is dat ik mijn werk als apothekersassistente niet meer kan uitvoeren. Bij Visio ben ik nu in behandeling om een andere baan te kunnen vinden. Inmiddels verdien ik nu 70% van mijn salaris.

Mijn man ging ook mee, en werd erg geraakt door de lezing van de psycholoog en predikant Marjan Riedijk. We hebben het boekje ‘Als kanker je raakt’ meegenomen en het brengt bij hem meer begrip op wat ik allemaal heb doorstaan. We zijn tot de conclusie gekomen dat we veel te weinig dingen samendoen! Dus ons streven is om meer tijd samen door te brengen.

Al met al staat mijn hele leven op de kop en ook het leven van ons gezin. Het is niet fijn om als moeder een heleboel dingen niet meer te kunnen of je laat nog wel eens iets liggen of slingeren. Natuurlijk zijn er ook vragen waarom God dit mij laat overkomen. Is alleen een tumor niet genoeg en blijf ik nu mijn hele leven slechtziend? Dit zijn vragen waar ik op dit moment mee rondloop en die maken me op zijn tijd erg somber. Ik kan er met mijn man over praten en dat geeft dan weer ruimte, maar het blijft moeilijk. Ik wacht nog op een afspraak bij Visio, waarna ik dit weer een plekje kan geven. Maar Visio is geen christelijke organisatie dus daar kan ik geen antwoord krijgen op de vragen waarom God dit laat gebeuren! De mensen van Als kanker je raakt hebben vast meer begrip voor mijn omstandigheden.

Lena Knibbe

Strijder met God!

Regelmatig hoor ik mensen praten over ‘het gevecht tegen kanker’. Ik heb wat moeite met die uitdrukking. Want bij een gevecht hoort een winnaar en een verliezer. Kanker overkomt je en je hebt maar weinig invloed op hoe die ziekte zich in je lijf ontwikkelt. Je kunt alleen zoeken naar een manier om ermee om te gaan.

Ik heb meer met het beeld van een gevecht of worsteling met God. Dit kan slapeloze nachten opleveren. Zo spreek ik mensen die zich tijdens hun ziekte afvragen of er een hemel bestaat en hoe die er dan uitziet. En mensen die zich afvragen of alles met een reden gebeurt. En zo ja, met welke reden dan? Zelf heb ik die laatste vraag tijdens mijn ziekte ook gehad. Soms sprak ik erover met anderen, één keer met een medechristen op het ziekenhuisbed naast me. We vroegen ons af of we het zonder ons geloof makkelijker zouden hebben. Ons conclusie was dat we dan niet hoefden te worstelen met de vraag waarom God zoveel kwaad toelaat. Maar we zouden niet willen leven zonder een plek bij God waar we met ons verdriet en onze vragen terecht kunnen.

Nu ik terugkijk verwonder ik me erover dat mijn vertrouwen op God juist in die moeilijke periode gegroeid is. Ik vertrouw erop dat God goed is en dat Hij ook naar mij omziet. Dat ook mijn leven in Zijn hand geborgen is. Tegelijkertijd blijf ik leven met veel onbeantwoorde vragen.

Het doet me denken aan een verhaal over Jacob. In gevecht met een onbekende aanvaller overwint hij zijn angst voor de toekomst. Nu is hij er klaar voor om zijn broer, die hij bedrogen heeft, tegemoet te treden. De onbekende geeft hem een nieuwe naam, want hij heeft met God zelf gevochten.

Van nu af aan heet hij Israël. Dat betekent: Strijder met God!

Zo geloof ik dat wij ook strijders met God mogen zijn. Ik geloof dat God erbij is in onze worstelingen met onszelf, met onze ziekte en met ons geloof. Hij biedt een plek waar we onze vragen mogen neerleggen. En ik geloof dat God met ons meestrijdt. Hij staat aan onze kant, en heeft de uiteindelijke overwinning al behaald!

Sijbrand Alblas