Ingewikkelde vraag | Deel 3

Bizar
Het is eigenlijk bizar dat de simpele vraag ‘Hoe gaat het met je?’ (HGHMJ) of het uitblijven daarvan zoveel uiteenlopende emoties oproept: blijdschap, dankbaarheid, verdriet, teleurstelling, boosheid en eenzaamheid. Na mijn uitstapje naar ‘Waarom is HGHMJ zo’n belangrijke vraag?’ (Ingewikkelde vraag | Deel 2) keer ik dus nu terug naar mijn persoonlijke verhaal. Over mijn relatie met de HGHMJ-vraag en hoe die gedurende de afgelopen 2,5 jaar een aantal keer is veranderd.

En daarna volgen (in Ingewikkelde vraag | Deel 4 & 5) eindelijk de eerder beloofde tips. In deze blog neem ik jullie eerst even mee terug in de tijd.

Terug in de tijd
Om precies te zijn naar 2,5 – 3 jaar geleden, toen alles nog ‘gewoon’ was. Toen ik nog vol in het leven stond en nog niet wist dat ik kanker zou krijgen. Ik vertel jullie graag over mijn belevenissen met de ingewikkelde HGHMJ-vraag van vóór, tijdens en na. En over hoe ik mij nu tot die mooie HGHMJ-vraag verhoud.

Veelpleger
Voordat ik ziek werd was ik, net als veel anderen, een veelpleger van de oppervlakkige HGHMJ-variant. Gewoon omdat het leuk is om even kort contact te maken met mensen die je toevallig, of niet toevallig, ergens onderweg tegenkomt. In gesprekken ergerde ik me wel eens wanneer iemand heel lang over zichzelf uitweidde en er nooit een wedervraag kwam. Maar meestal slaagde ik er goed in om dat naast me neer te leggen. Dat ik door mijn ziekte zelf ook een extreme uitweider zou worden én tijdelijk communicatief veel minder vaardig zou zijn én dat het heel eenzaam voelt wanneer de HGHMJ- vraag uitblijft, wist ik toen nog niet.

Tijdens de behandelperiode
In 2019 tijdens mijn behandeljaar was ik niet bepaald de stabiele, communicatief vaardige Christa zoals anderen mij kenden. En het erge was, ik had het zelf vaak ook door, maar ik kon gewoon niet anders. Onderstaand een aantal voorbeelden.

Ongeremd spuien
In begin van mijn ziekte voelde ik me zo overweldigd en ontredderd dat ik niet anders kon dan alles wat me op dat moment bezighield ongeremd over iedereen uit te storten. Ongeacht wie ik op dat moment voor me had: vrienden, kennissen of medische professionals. Vaak had ik maar een halve HGHMJ-vraag of zelfs minder nodig, om alles waar ik op dat moment last van had, ongeremd te spuien. In de hoop dat de desbetreffende functionaris (de gynaecoloog, de oncoloog, de radioloog, de oncologische wijkverpleegkundige, de oncologiefysiotherapeut, etc.) mij de ultieme oplossing zou geven om me voor eens en altijd van de kanker en al mijn klachten af te helpen. Door schade en schande ontdekte ik gaandeweg dat niet iedereen altijd alles wil weten. Want medische professionals hebben ieder hun eigen scope én maar beperkt tijd per patiënt. En ook vrienden en kennissen hebben zo hun eigen grenzen. Onbedoeld heb ik hen allen dus flink beproefd.

Fijne aandacht
Met mijn dierbare vrienden en familie heb ik tijdens mijn ziekteperiode en daarna steeds uitgebreid mijn persoonlijke wel en wee gedeeld. Dat was eigenlijk mijn life-line. Zonder hen had ik het niet gered. Dus ik ben heel dankbaar voor alle warme verbale en non-verbale HGHMJ vraagvarianten die ik heb mogen ontvangen. En voor de mildheid, het geduld en de standvastigheid die mijn intimi telkens hebben opgebracht wanneer ik mijn kommer en kwel verhalen over hen uitstortte. Maar dit alles heeft ook een keerzijde.

De keerzijde
Namelijk: het draaide altijd om mij. In mijn krakkemikkige, verwarde gesteldheid kwam het in die periode maar mondjesmaat in me op om anderen de HGHMJ-wedervraag te stellen. Doordat mijn ziekte mij zo allesoverheersend in beslag nam, had ik dat echter amper door. Zij die mij kennen en liefhebben, hebben toen hun hand over hun grote hart gestreken en dat tijdelijk voor lief genomen. Anderen, die daar niet mee konden of wilden omgaan, hebben tijdens mijn ziekte-en herstel meer afstand genomen of het contact verbroken. Het spreekwoord is niet voor niets ‘In tijden van nood leer je je echte vrienden kennen’ maar ik ben door mijn ziekte helaas ook dierbare contacten verloren. Godzijdank ben ik nu al lang weer een oprecht geïnteresseerde gesprekspartner. Al zeg ik het zelf. En de wederkerigheid in mijn relaties met anderen is hersteld. Dat is fijn voor hen én voor mezelf!

Eerlijk zijn of niet?
De vraag ‘Geef ik eerlijk antwoord of niet?’ houdt me sinds ik ziek ben (geweest) zoals jullie weten nogal bezig. Het meest voor de hand liggende, obligate antwoord ‘Ja, hoor’, meestal gevolgd door de wedervraag ‘En met jou?’ krijg ik daarom al geruime tijd niet meer over m’n lippen. Want ik voel(de) me helaas lang niet altijd goed. Dus ‘ja’ zeggen terwijl je je ‘nee’ voelt, voelt als verraad aan jezelf. En ik wil liever eerlijk zijn dan liegen. Sindsdien is het dus altijd schipperen. Wat antwoord je dan bij toevallige ontmoetingen, zoals de supermarkt-variant, zodat het én past bij de situatie én je ook trouw aan jezelf kan blijven aan? Daarover in mijn volgende blog een aantal tips.

 

Lied: Ken je mij? Trijntje Oosterhuis

Weg met kankertoeristen!
Op een gegeven moment had ik het door. Sommige mensen wilden eigenlijk niet weten hoe het met míj gaat maar vonden vooral mijn ziekte en de behandelingen interessant: (Hoeveel chemo’s heb je eigenlijk gehad? Welke cytostatica? En welke bijverschijnselen heb je nu allemaal?). Voor het gemak noem ik ze ‘kankertoeristen’. Die ontdekking was pijnlijk want ik ben geen verzameling interessante medische symptomen maar een vrouw van vlees en bloed met gevoelens en verlangens. Maar ik heb er ook iets van geleerd. Want sinds ik het weet, stop ik weinig tijd en energie meer in dit soort vragen. Wanneer ik nu een ‘kankertoerist’ tegenkom, verwijs ik die naar officiële kanker-informatiebronnen, zoals de ziekenhuis-sites en www.kanker.nl. Sorry als ik dit te bot formuleer, maar wie de schoen past trekke hem aan.

Tijdens de herstelperiode
Ook tijdens mijn herstelperiode heb ik volop geworsteld en geleerd rondom de vraag HGHMJ. Nog een paar voorbeelden. Ongetwijfeld ook herkenbaar voor anderen.

Eenzaam
Toen het ergste achter de rug leek, hebben mijn intimi hun bakens van intensief voor mij zorgen weer verzet naar hun eigen leven. Op zich heel begrijpelijk, want iedereen heeft ook een eigen leven en dat gaat ook gewoon door. Daardoor zag en sprak ik hen opeens veel minder en werd de HGHMJ-vraag opeens ook veel minder vaak gesteld. Gesprekken gingen vanaf toen weer veel meer over de gewone gebeurtenissen van alle dag en veel minder over mijn persoonlijke wel en wee. Op zich vond ik het fijn om weer meer deelgenoot te worden van de gewone dingen in het leven van mijn vrienden, familie en kennissen, maar de overgang was moeilijk en eenzaam. Een tijdje was ik daarover ook teleurgesteld, boos en verdrietig. Totdat ik besefte: Het is tijd om weer meer op mezelf te durven gaan vertrouwen en minder op anderen te blijven leunen. Dat was een belangrijke les!

Beschermlaagje
Persoonlijke aandacht is fijn, maar niet altijd. Vaak was ik te zwak, moe of verdrietig en bracht ik het niet op om te vertellen hoe het écht met me ging. Als iemand me dan vroeg hoe het met me ging, vertelde ik bij voorkeur iets oppervlakkigs en kleins dat weinig met m’n ziekte te maken had. Bijvoorbeeld over dat ik zo genoot van een wandelingetje in de zon. Dus toch een vorm van contact, maar wel met een beschermlaagje. Want dan voelde ik me te wankel om mijn kwetsbaarheid met anderen te delen. Gelukkig is dat nu al lang achter de rug. Als ik nu zeg ‘ja hoor, ik heb lekker gewandeld’ heeft dat een heel andere gevoelslading, namelijk van genieten (!) in plaats van mijn kwetsbaarheid beschermen. Een fijne wending dus!

En nu?

Oprechte interesse
Nu het al langere tijd goed met mij gaat, is mijn relatie met de HGHMJ-vraag opnieuw veranderd. Ik ben gelukkig niet meer zo vraagbehoeftig als toen ik ziek was én ik ben weer, net als vroeger, een actieve beoefenaar van de warme empathische HGHMJ-vraag. Ik ben oprecht geïnteresseerd in het wel en wee van mijn vrienden en familie -hopelijk beamen zij dat ook- en ik geniet weer, net als vroeger, volop van alle onverwachte gesprekjes met bekenden en onbekenden op straat, in de supermarkt en elders. Ook ben ik heel blij dat ik weer mijn mooie vak als coach kan uitoefenen. Want daarvoor is met al je aandacht bij de ander zijn een belangrijke randvoorwaarde.

Milder en wijzer
Door het delen van mijn ervaringen met de HGHMJ-vraag, alle reacties van anderen daarop en alle goede gesprekken die ik daarover de afgelopen periode heb gevoerd, ben ik een stuk wijzer én milder geworden. Het belangrijkste is dat ik veel meer begrip heb gekregen voor de andere kant van het verhaal. Namelijk de kant van de vraagstellers. Het draait immers niet alleen om mij/ons, maar ook om onze lieve gesprekspartners. Want, zoals eerder in Ingewikkelde vraag | Deel 2 geschreven: It takes two to tango!

Alle verzamelde tips over hoe we samen de HGHMJ-tango plezierig kunnen maken, wij – als (ex-) ernstig of chronisch zieke, verdrietige, vraagbehoeftigen- en jullie – als onze naaste, hopelijk gezonde, potentiële vraagstellers – kun je lezen in mijn blogposts Ingewikkelde vraag | Deel 4 en 5.

Mijn vraag aan jullie
Lieve lezers, herkennen jullie dit? Dat je relatie met de vraag ‘Hoe gaat het met je?’- in de loop van de tijd is veranderd? Afhankelijk van hoe ziek je bent, of hoelang je naaste al ziek is? Hoelang het al duurt, dat het ergste nu gelukkig achter de rug is of het juist nu nog gaat komen? Ik ben benieuwd naar jullie ervaringen!

Bij deze steek ik iedereen die dat nodig heeft een warm hart onder de riem! En voor iedereen die ons nog steeds de warme, empathische vraag HGHMJ stelt: een grote pluim!

Levendige groet,
Christa

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.