
Het verhaal van Johnny en Marja: hoop houden met een hersentumor
02/10/2026
Wat bij Johnny in eerste instantie een burn-out leek, bleek een hersentumor te zijn. De kanker en behandelingen hebben een enorme impact op het leven van Johnny en Marja Pieper en hun gezin. Toch halen ze kracht uit de Bijbel en het geloof. “We willen positief blijven en hoop houden. En ook al voelt het niet altijd dat God erbij is, je weet dat het zo is.”
Johnny en Marja delen hun verhaal in de video hieronder. Onder de video kun je het verhaal ook lezen.
De uitslag: een hersentumor
Johnny Pieper is getrouwd met Marja en samen hebben ze vier dochters, drie van henzelf en een pleegdochtertje. Zo’n anderhalf jaar geleden ging het slechter met Johnny’s gezondheid.
Johnny: “Ik werd eerst heel erg vergeetachtig. Ik werd heel moe en raakte al mijn energie kwijt. Bij de huisarts zeiden ze eerst dat ik een burn-out had. Maar op een gegeven moment liep ik in de keuken en viel mijn linkerbeen ineens weg. Dus die sleepte ik een beetje mee. Toen hebben we gelijk weer de huisarts gebeld. De huisarts heeft ons doorgestuurd naar de neuroloog. Toen ging het heel snel.
We zaten op een woensdag bij de neuroloog. De maandag erop kreeg ik een MRI-scan. En de donderdag kwamen we bij de neuroloog voor de uitslag. Ik was nog helemaal in de veronderstelling dat ik een burn-out had. Maar de neuroloog zei tegen ons: ‘Ga maar even zitten, want het is niet goed.’ Toen zagen we op de foto’s dat er een tumor van maar liefst negen centimeter aan de linkerkant zat in mijn hoofd. Een hersentumor.”
Aan de kinderen vertellen
“Dat was een heftig moment. Dan zakt echt even de grond onder je voeten vandaan. En met die uitslag moet je het dan doen. Daarna mochten we naar huis en konden we het aan onze kinderen vertellen. Die schrokken heel erg.”
De operatie
“Uiteindelijk ben ik op 25 juni 2025 geopereerd. Eerst werd gezegd dat ze niet alles konden weghalen, want de tumor zat aan de linkerkant en hij was al een beetje door het schotje tussen mijn twee hersenhelften heen gedrukt richting de rechterkant. Ze konden alles links weghalen, maar aan de rechterkant konden ze er niet bij. Uiteindelijk hebben ze tijdens de operatie alsnog alles weggehaald. Dus dat was heel positief.”
‘Het bedrijf waar ik 24 jaar aan heb gewerkt, hebben we verkocht.’
“De impact op mijn werk was heel groot. Ik had een hoveniersbedrijf met vier man aan het werk en dat ging allemaal hartstikke goed. Totdat ik op een gegeven moment thuis kwam te zitten, dat kwam niet ten goede van de sfeer in het bedrijf. Waar ik altijd vooroploop, liep ik nu heel ver achterop.
Toen kwam een werknemer naar me toe en hij vertelde me dat hij het niet meer zo gezellig vond en een andere baan had gevonden. Dus die ging weg. Marja vroeg toen aan de andere jongen wat hij wilde doen. Hij zei dat hij ook weg wilde en voor zichzelf wilde beginnen. Toen is er een balletje gaan rollen. Uiteindelijk hebben we het bedrijf aan hem verkocht. Al het werk waar ik 24 jaar aan gewerkt heb, was toen weg.”
24 uur per dag samen thuiszitten
Johnny en Marja zaten ineens vierentwintig uur per dag samen thuis.
Marja: “Dat was best even wennen. Ik zat daarbij helemaal in een zorgmodus. Ik deed er alles aan om te zorgen dat de boel hier draaiende bleef. Ik zeg altijd ‘Je krijgt kracht voor elke dag’. En dat is ook zo. Helemaal aan het begin hadden we dat ook heel sterk. We keken alles echt per dag aan. We konden niet verder vooruitkijken. Dat gaat nu iets beter. Maar het was en is nog steeds zwaar.”
‘Je leeft met de dag.’
Johnny: “We gaan nu naar mijn laatste behandeling toe en dan hoop je dat het goedkomt. En dan is het heel erg afwachten. De artsen twijfelen er niet aan dat de hersentumor terug zal komen. Maar wij geloven dat de artsen niet altijd het laatste woord hebben. Daar mogen we op vertrouwen.”
Marja: “Wij zeggen dat je dan kankervrij bent. De tumor is eruit gehaald, dus dan heb jij geen kanker meer.”
Kracht halen uit de Bijbel en het geloof
Johnny en Marja halen kracht uit de Bijbel en het geloof.
Johnny: “Ik geloof dat God nog steeds geneest. Daar hopen we op en bidden we voor dat Hij dat ook bij mij mag doen. Maar ik vond het wel moeilijk, omdat de klap van zo’n uitslag bijna een trauma is dat je oploopt. Zeker aan het begin vonden we het moeilijk om te blijven bidden en uit de Bijbel te lezen. Dat was niet omdat we boos waren, maar door de schok. Maar het geloof is absoluut heel belangrijk voor ons.”
‘Ik geloof dat God ons echt gedragen heeft in die tijd.’
“Ik geloof dat God ons gedragen heeft in die tijd. Ik vind het ook nog steeds heel bijzonder dat ik geen bijwerkingen van de operatie heb gehad. Als ik verhalen hoor van lotgenoten met dezelfde soort hersentumor, dan hebben zij namelijk vaak last van bijwerkingen zoals epileptische aanvallen, verlammingsverschijnselen en spraakproblemen. Maar dat had ik niet. Dus dat was heel positief. Ik geloof echt dat God daar een rol in heeft gespeeld.”
‘Er zijn ook momenten dat ik me heel eenzaam voel en heel alleen.’
Marja: “Wat Johnny heel sterk wél heeft ervaren, heb ik niet altijd gehad. Ik voelde God niet altijd heel dichtbij. Vaak ga je dan in een soort modus en ga je weer snel in je eigen hoofd zitten, waardoor je het weer helemaal zelf en alleen gaat doen. Dat zijn de momenten dat je je heel eenzaam voelt en heel alleen. Wel wetende dat God er altijd bij is.
Dat vind ik het mooie ervan. Je voelt het niet altijd, maar je weet dat het zo is. Als je de Bijbel leest, zijn er ook veel mensen die het wanhopig uitschreeuwen naar God van ‘Waar bent U?’ Jezus zegt het zelf aan het kruis: ‘Mijn God, Mijn God, waarom heeft U mij verlaten?’ Ik denk dat wij dat ook mogen doen. Het voelt soms gewoon heel eenzaam. Je weet dat er heel veel mensen voor je zijn en voor je bidden, dat is ook wat je op de been houdt, maar soms voelt het heel ver weg.”
Benefietconcert van stichting Als kanker je raakt
Johnny en Marja bezochten een benefietconcert van stichting Als kanker je raakt in Barendrecht.
Johnny: “Dat was een hele mooie avond. Ad van der Wiel, de voorzitter van de stichting, zit bij ons in de gemeente en hij kwam toen ook meteen met het boek van de stichting. Zo kwamen we ook in aanraking met lotgenoten.”
‘Als je met mensen spreekt die ook ziek zijn, dan heb je op de een of andere manier een bepaalde band met elkaar.’
“Ook waren er meer mensen in onze kerk die met ziekte te maken hadden. Als je met mensen spreekt die ook ziek zijn, dan heb je op de een of andere manier een bepaalde band met elkaar. Dan heb je aan twee woorden genoeg om elkaar te begrijpen. Dat mis je dan weleens bij mensen die dat dan niet hebben. Maar dat concert vond ik echt een mooie avond, juist om ook ervaringen met lotgenoten te delen.”
Marja: “We waren ook bij lotgenotendagen geweest van het ziekenhuis. Maar daar hoor je ook veel ellende. Je mist daar dan de hoop die je ervaart bij een lotgenotenavond van Als kanker je raakt. Daar is hoop. En die hoop is heel erg voelbaar en zichtbaar.”
Positief blijven
Johnny: “We gingen ook naar lotgenotendagen van de Hersenstichting. Dan moest je jezelf voorstellen. Dus dat deed ik. Ik vertelde dat mijn behandelingen eind september klaar zijn en dat ik stiekem hoop dat ik dan weer wat kan gaan doen en ook weer iets voor anderen kan betekenen. Door het thuiszitten voel ik me namelijk soms erg nutteloos. Toen keken ze me daar met z’n allen aan van: ‘Werken? Ga er maar niet vanuit. Bij ons werkt niemand meer, omdat ze allemaal niet-aangeboren hersenletsel (NAH) hebben.’
Dat waren dingen die dan wel even binnenkomen. Je hebt een bepaalde hoop, want je wil nog iets gaan doen en dan wordt die hoop elke keer weer een beetje de grond ingeboord. Dat vonden we heel pittig. Dus toen hebben we besloten daar niet meer naartoe te gaan. Ook omdat je positiviteit wil en geen negativiteit.”
Marja: “Zij hebben daarin natuurlijk wél meer ervaring. Die hebben wij nog niet. Dus misschien hebben zij gelijk, maar willen we daar gewoon nu niet aan geloven. We willen positief blijven en door.”
‘We krijgen ons oude leven nooit meer terug.’
Johnny: “Tot nu toe zijn alle uitslagen positief geweest. Dat is natuurlijk heel fijn. Eind september heb ik de laatste chemokuur en in oktober heb ik dan nog een MRI-scan. We gaan proberen er heel positief in te staan, met het idee van: de kanker is weg en die hersentumor komt voorlopig ook niet meer terug.”
Marja: “De hersentumor komt nooit meer terug.”
Johnny: “Daar bidden we absoluut voor. Maar dan krijgen we ons oude leven nooit meer terug.”
Stapje voor stapje vooruit
Marja: “Je gaat dan stapje voor stapje kijken wat straks gaat lukken. Alles wat was, is er niet meer. Het wordt ook niet meer zoals het was. Ik zeg steeds tegen Johnny van: ‘Ik heb het gevoel dat je overal mee moet stoppen en van daaruit stappen moet gaan zetten: wat kan nog wel vanaf nu? En dan hoef je niet meer steeds te denken van wat lukt niet meer of wat kan niet meer, maar wat lukt er nu wel?’ Dat is misschien ook gewoon onze positieve instelling.”
Johnny: “Ik hoop nog steeds dat ik weer iets kan bijdragen. Ook als het om werk gaat, dat ik dat allemaal weer een klein beetje op mag gaan pakken. Maar ook dat is afwachten. Maar we gaan het zeker proberen. Absoluut.”
Delen is helen
Ben je zelf geraakt door kanker en heb je behoefte aan zingeving of worstel je met het geloof? Dan kunnen verhalen van lotgenoten je herkenning, troost en bemoediging geven. Maar ook het delen van jouw eigen verhaal en praten over jouw situatie kan helend werken. Neem gerust contact op.





