Dansen in de ondergaande zon

De afbeelding die je hier ziet, is een foto van een schilderij wat bij mij in de keuken hangt. Een dierbaar schilderij wat op een heel bijzondere manier in mijn bezit is gekomen. Een vriendin van mij geeft schilderles. Ze organiseert soms een vernissage, zoals dat heet, waar haar cursisten hun gemaakte werk tentoon kunnen stellen. Zo ook in maart 2015. Mijn vriendin had mij hier voor uitgenodigd. Even iets leuks, een verzetje. Sinds september 2014 had ik namelijk het etiket ‘ongeneeslijk ziek’ opgeplakt gekregen. Op dat moment had ik net de laatste van een serie chemo kuren achter de rug. Ik was nog herstellende van behandelingen, moe, en onzeker over de toekomst, voor zover die er nog zou zijn. Dus leuk, een welkome afleiding. Pruikje op, jurkje aan en even gezellig weg. Ik liep rond en bewonderde het gemaakte werk: aquarel, acryl verf, realistisch of meer abstract, kleurig of ingetogen.  

Bám

Opeens stond ik voor dit schilderij. Bám. Het raakte mij vol. Het maakte mij emotioneel en veroorzaakte een soort inslag. Ik zag, ik keek, en ik moest spontaan huilen. Ik zag op dit schilderij precies verbeeld hoe ik mijn leven op dat moment ervaarde; dansend in het licht van de ondergaande zon. Dansen in de zon, dat is wat ik altijd heb mogen doen. En opeens leek het of de zon onder ging in mijn leven. Maar ik wilde blijven dansen, ook als de zon aan het ondergaan was. Ik zag de frêle danseres (ik ben niet frêle, maar zo voelde ik mij van binnen wel). De danseres die danst of haar leven er van afhangt. Ze danst in de branding. Het lijkt of ze zweeft. Of ze wordt opgetild misschien. Door een onzichtbare hand. Gods hand? Even heeft ze geen grond onder haar voeten meer. De armen omhoog geheven. Krachtig. De zon is bijna onder, maar ze blijft dansen, dansen, zolang het nog niet helemaal donker is. Zolang het kan.

Toevalligheid is een knipoog van God

Daar stond ik dan te huilen; ik kon niet stoppen. Er stond een mevrouw naast mij die ik wel kende uit onze kerkelijke gemeente. Ik verontschuldigde mij en zei: “sorry hoor, het is misschien een beetje raar dat ik hier zo sta te huilen, maar dit schilderij raakt mij bijzonder”. “Ik heb het geschilderd”, zei ze. Nu kun je dat natuurlijk toevallig noemen, maar daar geloof ik niet zo in. Zoals een Duits gezegde luidt: toevalligheid is een knipoog van God. Ze wist dat ik ziek was en we kregen een mooi gesprek en ik vertelde haar waarom het schilderij mij zo geraakt had.  Ze had het schilderij aan haar dochter beloofd. Ze had het voor haar gemaakt. Bijzonder.

Een lief en groots gebaar

Maar het verhaal gaat nog verder, want zoals ik schreef; het schilderij hangt bij mij in de woonkeuken. Een paar dagen later werd ik opgebeld door deze mevrouw en ze zei dat ze erover na had gedacht en ze wilde het schilderij aan mij geven. Zodat ik er steeds naar kon kijken en er hoop uit putten. Weer moest ik huilen. Nu van ontroering. Zo’n lief en groots gebaar. Ze heeft het schilderij bij mij gebracht. Ik heb er een mooi plekje voor gevonden in de keuken. Als ik aan tafel zit tijdens het eten, heb ik er zicht op. In het begin keek ik vaak naar het schilderij, heel bewust. Nu ben ik eraan gewend dat het daar hangt. Het is vertrouwd dat het daar hangt en het hangt er al vijf en een half jaar.

Ik mag nog dansen

18 september 2020 leef ik al zes jaar met uitgezaaide eierstokkanker. De vijfjaarsoverleving is 12%. Wat ben ik dankbaar dat ik er nog ben. Ik kijk naar het schilderij wat me zo dierbaar is en ik ben blij dat ik nog mag dansen. In het licht van de ondergaande zon. Maar het is nog echt niet donker.

Geschreven door Lenneke de Mooij.

 

2 antwoorden
  1. Christa
    Christa zegt:

    Wauw wat een bijzondere ontmoeting en heel fijn voor je om elke dag dit mooie schilderij te mogen zien. Ik hoop en bid dat je nog heel lang mag blijven dansen, Lenneke! In de opkomende en ondergaande zon!

    Beantwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *