‘U moest eens weten…’

Als ik bij mensen op bezoek ga, dan hoor ik vaak verhalen over lange wachttijden in de zorg, over ziekenhuizen die op doolhoven lijken, over de manier waarop de thuiszorg de steunkousen aantrekt en over verpleegkundigen die verkeerd hebben geprikt. En even verder in het gesprek hoor ik hoe moeilijk het is, dat bij het verliezen van je gezondheid ook het verliezen van je vrijheid hoort. Ik hoor over onzekerheid die maar aanhoudt en over angst voor wat de toekomst zal brengen. Ook vertellen mensen mij hoe ze steun ervaren bij familie en vrienden, hoe ze soms rust vinden in het geloof en hoe ze worstelen met vragen. En af en toe spreek ik ook iemand die alleen maar zegt: ‘Waarom zou het mij niet overkomen?’ en zich verder nergens druk om lijkt te maken. Wonderlijk is het hoe verschillend mensen reageren op wat hen overkomt.

Toen ik net begon als predikant, verbaasde ik me over hoeveel persoonlijke verhalen ik hoorde. Vaak hoef ik zelf niet veel te zeggen en storten mensen spontaan hun hart bij me uit. Soms hoor ik dingen die ze zelfs niet aan hun kinderen of hun partner vertellen. Niet omdat ze niet van hen houden, maar juist omdat ze zoveel van hen houden. Ik herken dat ook van de periode waarin ik zelf ziek was. De mensen die het dichtst bij je staan, wil je beschermen voor jouw verdriet. Zij hebben zelf al zoveel op hun bordje.

Hoe mooi is het dan als mensen die van een afstandje betrokken zijn even tijd voor je hebben. Zelf heb ik veel gehad aan verpleegkundigen die naar me luisterden op de momenten dat ik er doorheen zat. Soms hielp een gesprek met een bezoeker die eigenlijk voor iemand anders kwam. En ik denk ook graag terug aan de gesprekken die ik zelf voerde met mijn predikant. Wat is het mooi als mensen een stukje met je meereizen. Mensen die wel even naar je verhaal kunnen luisteren, maar die je er niet mee belast. Mensen die er, op het moment dat het nodig is, gewoon voor je zijn!

Sijbrand Alblas

 

 

Gebed om hulp

mijn God, mijn God

mijn wereld staat

helemaal op zijn kop

 

mijn denken is een wirwar

van angsten, zorgen en verdriet

 

mijn God, ik roep U aan

begrijpen doe ik het niet

ik voel me leeg en wanhopig

 

woorden

om te bidden

heb ik niet

 

ik kan alleen maar huilen

bij U schuilen

chaos in mijn denken

onzekerheid in mijn bestaan

 

alles

is ineens

zo anders geworden

help mij

laat mij niet ten onder gaan

 

U lijkt zo ver weg

ik voel me zo alleen

 

Uit het boek ‘Als kanker je raakt’, geschreven door Rita Renema-Mentink

Moeheid

Moeheid

veelbesproken woord

herkenbaar voor iedereen

 

moeheid

na kanker

moeilijk uit te leggen

 

onaanraakbaar

niet te vatten, te definiëren

 

moeheid

onverwachts

zonder enige waarschuwing

 

extreme moeheid

in je lijf

 

tast het hele wezen aan

 

conflict tussen

kunnen en willen

 

lichamelijk herstel

anders dan gedacht

 

zoeken

naar nieuwe

eigen mogelijkheden

 

vraagt tijd, moed, ruimte

 

Uit het boek ‘Als kanker je raakt’, geschreven door Rita Renema-Mentink

Column: De rug van mijn boek

We hadden elkaar niet gesproken dat weekend. Alleen even onze naam genoemd en waar we vandaan kwamen. We waren samen met een groep mensen vanuit het hele land naar het klooster gekomen voor een stilteretraite. Voor mij al een vertrouwde plek, voor haar voor het eerst, had ze me nog verteld.

Ze kwam met een bepaald verlangen, maar kon haar draai niet vinden. De stilte was moeilijk, ongemakkelijk soms. Na alles wat ze had meegemaakt, had ze het verlangen naar troost en geborgenheid. Ze kon zich echter niet ontspannen en bleef alert. Er waren verschillende vertrekken in het klooster waar ze zich mocht terugtrekken en kon bidden, maar ze bleef het liefst op haar eigen kamer.

Aan het eind van de retraite had ze het gevoel dat het een gemiste kans was geweest. Datgene waarop ze hoopte, vond ze niet. Haar begeleider had in het begin gezegd dat ze niet voor niets was gekomen, maar waarop ze nog wachtte, wist ze niet. Totdat ze voor haar laatste persoonlijke gebed een kamer opzocht waarin een volle boekenkast stond. Een van de boeken trok in het bijzonder haar aandacht door de kleur paars en het woord ‘Vertrouwen’, wat ze op de rug las. Ze trok het boek eruit. De omslag zag er mooi en verzorgd uit. Paars was ook de favoriete kleur van haar dochter geweest. Toen ze op de achterkant van het boek keek, zag ze mijn foto op het boek staan. Verbaasd realiseerde ze zich dat ik één van de deelnemers van de retraite was. Ze las dat dit boek ‘Kwetsbaar Vertrouwen’ over mijn man ging die aan kanker was overleden.

Ze had het als een teken van God ervaren. Een aanmoediging. Hij wist van haar verlangen om een boek uit te geven over het leven van haar dochter, die twee jaar geleden op16-jarige leeftijd aan kanker overleed. Vier jaar had ze alles bijgehouden, alles lag klaar, maar waar moest ze beginnen? Hoe pak je zoiets aan? Moest ze zelf een uitgever zoeken? Waar moest ze heen? Wat wilde ze precies? Met deze vragen liep ze al langer rond. Ze bleef erin hangen. Niemand in haar omgeving kon haar verder helpen. Het vinden van mijn boek voelde als een cadeautje. Ze mocht het meenemen naar huis.

Tijdens het lezen herkende ze veel, zoals de hoop en de verwachting van Jan dat God zou kunnen ingrijpen. Het telkens weer bidden en hopen. Een rotsvast vertrouwen dat het kon gebeuren. Dit had haar gezin ook kracht gegeven om vol te houden. Ze had het als enorm troostend ervaren om precies hierover te lezen in mijn boek. Het gaf haar inzicht om te lezen hoe wij hiermee zijn omgegaan.

Haar indrukwekkende verhaal over het vinden van mijn boek las ik later die week in een brief die ze stuurde. Mijn verrassing was groot. Nooit heb ik mijn boek gepromoot, nooit beveel ik het zomaar aan. Ik heb het aan God opgedragen. Het komt op plekken terecht waar het nodig is. Zo ook nu weer.

We maakten een afspraak en ze vertelde van haar prachtige dochter die na een zeer aangrijpend ziekbed overleden is. We deelden onze ervaringen. Ik deelde mijn schrijfproces en hoe ik tot het zelf uitgeven van mijn boek ben gekomen. Gaf haar informatie om weer een stapje verder te komen. Ik gaf haar het boek van de stichting Als kanker je raakt en vertelde van de ontmoetingsdag voor ouders van een overleden kind. Voor ons allebei voelde dit als een zeer bijzondere ontmoeting.

Zo veel dingen in het leven zijn niet te begrijpen, of lopen anders dan verwacht. Maar soms gebeurt er iets wat geen mens kan verzinnen, maar wat direct als speciaal voelt. Wij weten allebei dat dit zo’n gebeurtenis was.

Inmiddels heb ik stukjes van hun verhaal gelezen en films van haar dochter gezien op YouTube. Ik weet zeker dat het een heel indrukwekkend boek zal worden. Een boek waarin dwars door alle pijn en gebrokenheid heen hoop zal doorklinken.

Haar dochter wist dat haar moeder alle ervaringen beschreef en heeft haar moeder op het hart gedrukt dat het beslist een hoopvol boek moest worden. Dat zal het worden. Ik zag het in haar ogen. Het zal een erfenis zijn van hun sprankelende dochter die als een licht in hun leven was gekomen en voor altijd hen zal inspireren.

Het kan zomaar gebeuren dat iemand later aangetrokken wordt door de rug van haar boek en het uit een boekenkast pakt. En dat het precies het verhaal is wat diegene op dat moment nodig heeft.

Lies Nijman

Chemo

Langzaam

druppelt het gif in je lijf

je hebt geen keus

 

Langzaam

wordt je lijf vergiftigd

het protesteert, gaat vreselijk tekeer

 

Langzaam

raken bloedlichaampjes van slag

moeheid neemt toe, haar valt uit

 

Langzaam

wordt zichtbaar aan je lijf

dat er een strijd wordt gestreden

 

Langzaam

gaan de dagen, weken voorbij

komt het einde in zicht

 

Langzaam

groeit het verlangen dat de chemo

zijn uiteindelijke goede werk heeft gedaan

 

Langzaam

laat je los wat is geweest

de tijd moet leren hoe het verder zal gaan

 

Uit het boek ‘Als kanker je raakt’, geschreven door Rita Renema-Mentink

Column: Ik weet nog precies waar ik was, toen ik het hoorde…

Sommige momenten in mijn leven vergeet ik niet snel. Ik weet nog precies waar ik was, toen ik het hoorde. Wat ik voelde. Wat ik dacht. Wie er bij waren…

Zoals die ene keer toen ik op een mooie zomeravond in een vergadering zat. Bij iemand thuis aan de keukentafel. Met z’n 4-en aan het brainstormen over een startdag in de kerk. Ineens ontving ik een berichtje van mijn zus. “Schrik niet. Ik ben naar de huisarts geweest. Ik voel me goed, maar uit bloedonderzoek is gebleken dat ik de ziekte van Waldenström heb. De dokter zegt dat ik er oud mee kan worden…”

Even staat alles stil. Je voelt dat dit geen gewoon berichtje is, maar meer…
Er gaat van alles door je heen. Ik googelde snel, ik las, ik schrok, ik slikte… het duizelde even…
De vergadering viel stil…of er iets was? Ja, stamelde ik, mijn zus heeft zojuist een diagnose gekregen….

Of die keer dat ik in een pashokje stond. Ik werd gebeld. Het nummer en het tijdstip zeiden me dat ik op moest pakken. Ik luisterde: Of ik het al wist? Mijn neefje van 15…een tumor in zijn hoofd. Het zag er niet goed uit…ik heb de spullen teruggehangen en ben naar huis gegaan…

Of die keer dat ik op maandagmorgen werd gebeld. Of mijn moeder langs mocht komen. Heel ongewoon…op mijn werkdag. Ik had haar een dag eerder nog gezien, bij mij thuis, op de eerste verjaardag van mijn zoontje. Ze had het niet willen vertellen, omdat het de feestvreugde zou bederven. “Ik ben erbij…”, zei mijn moeder, toen ze bij mij op de bank zat.

Er ging van alles door mij heen. Hoe hebben ze het ontdekt? Wanneer hoorde ze het? Wat heeft de dokter precies verteld? Is het ernstig? Is het te behandelen? Voel je je ziek? Wat betekent dit? Is het erfelijk? Wat betekent dit voor mij?….

Ik weet het nog precies: Waar ik was. Waar ik zat. Wat ik voelde. Het raakt je…iedere keer…een paar zinnen veranderen je leven. De manier waarop je kijkt naar de ander. De ander is niet meer gewoon de ander…maar de ander met een diagnose.

Een diagnose verandert je leven.
Niet alleen het leven van degene die de diagnose krijgt, maar ook het leven van de naasten.

Mariëlle Baars

Diagnose

spannende dagen

spanning door je lijf
vragen, angsten

wat zal de diagnose zijn

je hoopt, denkt, voelt, bidt

dan het moment
twee verschillende mensen
twee verschillende opdrachten

de één moet het slechte nieuws brengen
de ander moet het slechte nieuws aanhoren

woorden die worden gesproken
zijn zwaar.

gesprek gaat verder
over prognose, kansen, behandelmethode
maar het zegt je
even helemaal niets

op dit moment
staat het leven op zijn kop
gevuld met vragen, angsten

chaos in denken, voelen
in het hele zijn

Uit het boek ‘Als kanker je raakt’, geschreven door Rita Renema-Mentink

De liefde blijft bestaan

Je hebt het pas in de gaten als het er al is. Het groeit of slinkt door de tijd heen. En je hebt er nooit de volledige controle over. Ik heb het over de verrassende overeenkomsten tussen kanker en liefde.

Als ik de verhalen van anderen met kanker hoor, kan ik zelf alleen maar dankbaar zijn dat het met mij zo goed gaat. Ik heb mijn krachten weer terug. Als we het zelf voor het zeggen hadden, dan zou niemand voor kanker kiezen. Maar nu ik kan terugkijken, besef ik dat mijn leven zonder kanker heel anders zou zijn.

In de periode van mijn chemokuren groeide het contact met één van mijn huisgenoten in het studentenhuis. Zij was letterlijk ‘the girl next door’. We hadden zelf niet in de gaten hoe de liefde tussen ons opbloeide. Ik had me stellig voorgenomen nooit verliefd op haar te worden. Zoiets kan met een huisgenoot alleen maar ongemakkelijke situaties veroorzaken, dacht ik.

Toch kon mijn voornemen op een zaterdag de prullenbak in. We werden smoorverliefd. Terwijl de eerste haren op mijn hoofd weer groeiden, vroeg ik haar verkering. Voor ons allebei een sprong ik het onbekende. Want kon ik ons wel een toekomst bieden? We hebben het erop gewaagd en gaan tegenwoordig door het leven als man en vrouw. Het zou best kunnen dat, als ik gezond was gebleven, we ook verliefd waren geworden. Maar onze band had zich nooit op dezelfde manier ontwikkeld. Het is een belangrijke bouwsteen voor ons huwelijk geworden.

Kanker maakt veel stuk. En chemokuren berokkenen veel schade. Maar ik ben dankbaar dat ons vermogen om lief te hebben onaangetast blijft.

Sijbrand Alblas

Liefde

Geworteld en gegrond in de liefde…(Efeze3:17)

 

Liefde, zo moeilijk te definiëren,

liefde, wat ieder mens nodig heeft

 

Liefde, iedere keer

die verrassende herkenning.

 

Voor liefde is een ander nodig

die je bevestigt in jouw bestaan.

 

Liefde is het diepe verlangen

naar een ander met wie je verbonden bent.

 

Liefde is investeren in die ander,

is ruimte gevend.

 

Liefde is samen huilen, lachen,

bidden, rouwen, zoeken.

 

Liefde, echte liefde

is op weg gaan met elkaar,

gedragen, verbonden

door Gods Liefde

 

Uit het boek ‘Als kanker je raakt’, geschreven door Rita Renema-Mentink

Bewerking van ‘Mag ik dan bij jou’ van Claudia de Breij, geschreven door ds. Marien Kollenstaart

Als die ziekte komt
en als ik dan moet schuilen,
mag ik dan bij jou?

Als er ‘n uitslag komt,
die ik niet aan wil horen,
mag ik dan bij jou?

Als de behandeling komt
die ik niet kan volbrengen,
mag ik dan bij jou?

Als ik daar ziek van word,
wat ik nooit geweest ben,
mag ik dan bij jou?

Mag ik dan bij jou schuilen,
als het nergens anders kan?
En als ik dan moet huilen,
droog jij m’n tranen dan?
Want als ik bij jou mag,
mag jij altijd bij mij.
Kom wanneer je wilt,
ik hou een kamer voor je vrij.

Als er slecht nieuws komt,
en als ik dan bang ben,
mag ik dan bij jou?

Als de avond valt,
en ’t is mij te donker,
mag ik dan bij jou?

Mag ik dan bij jou schuilen,
als het nergens anders kan?
En als ik moet huilen,
droog jij m’n tranen dan?
Want als ik bij jou mag,
mag jij altijd bij mij.
Kom wanneer je wilt,
ik hou een kamer voor je vrij.

Mag ik dan bij U schuilen,
als het nergens anders kan?
En als ik moet huilen,
droogt U m’n tranen dan?
Want als ik bij U mag,
mag U altijd bij mij.
Kom wanneer U wilt,
‘k hou een kamer voor U vrij.

Als het einde komt,
en als ik dan bang ben,
mag ik dan bij jou?
Als het einde komt,
en als ik dan alleen ben,
mag ik dan bij U?